Nieuws

Nieuws & Actualiteiten


Het ontbinden van een B.V.

Donderdag 20 september 2018

Voor het ontbinden (in de volksmond “liquideren” genoemd) van een B.V. is allereerst een aandeelhoudersbesluit nodig. Vervolgens moet worden gekeken of de B.V. op het moment van de ontbinding nog baten, oftewel activa/bezittingen, heeft.

Als een B.V. ten tijde van de ontbinding geen enkele baten meer heeft, dan houdt zij direct op te bestaan, de zogenoemde turboliquidatie. Is er wel sprake van (enige vorm van) een bate, dan moet de ontbonden B.V. blijven voortbestaan voor de vereffening van haar vermogen.

De vraag of er op het moment van de ontbinding nog openstaande schulden zijn, is daarbij niet van belang. Wel is het onrechtmatig jegens een schuldeiser als de weg van de turboliquidatie wordt genomen, terwijl er tijdens de ontbinding sprake is van een bate of als er nog een bate te verwachten is.

In een recente uitspraak van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant* zet de Kantonrechter een en ander nog eens verder uiteen.

In deze zaak had een schuldeiser van een geturboliquideerde B.V. de bestuurder aansprakelijk gesteld. Er werden hem diverse verwijten gemaakt.

De schuldeiser stelde onder andere dat de bestuurder het faillissement had moeten aanvragen, omdat er geen baten meer waren maar wel nog openstaande schulden. De Kantonrechter oordeelt hierover dat ook in dit geval het achterwege laten van een faillissementsaanvraag alleen dan onrechtmatig is ten opzichte van een schuldeiser, indien er nog (enige) baten aanwezig (of te verwachten) zijn.

Ook oordeelde de Kantonrechter dat het bij de oprichting geplaatste aandelenkapitaal van € 18.000 niet betekent dat er een bate is. Het geplaatste kapitaal is namelijk het (recht op) kapitaal dat door de onderneming is uitgegeven en dat door de aandeelhouders aan de onderneming is verschaft. Alleen als het geplaatste kapitaal niet volledig is volgestort heeft de B.V. een bate, anders niet.

Essentie van het geheel: het is van belang om zeker te weten dat de B.V. geen baten meer heeft, als er gekozen wordt voor de turboliquidatie van een B.V.

* Uitspraak Zeeland-West-Brabant, 1 augustus 2018, ECLI:NL:RBZWB:2018:4728

< Terug

Meest recente berichten

Grond telt niet mee voor de fosfaatruimte

Vrijdag 23 augustus 2019 (Agrarisch)
Een melkveehouder had in 2015 een gras op stam overeenkomst afgesloten met een stichting Provinciaal Landschap, waarbij hij het gras van ongeveer 20 ha natuurlijk grasland kocht. De stichting had de percelen... Lees verder >

Pacht vereist bedrijfsmatige uitoefening van landbouw

Vrijdag 23 augustus 2019 (Agrarisch)
Bij de wijziging van het pachtrecht in 2007 is het zogenaamde bedrijfsmatigheidsvereiste ingevoerd. Dit houdt in dat het gepachte bedrijfsmatig moet worden gebruikt ter uitoefening van landbouw. In pachtkwes... Lees verder >

Beroep en overmacht directe betalingen GLB

Dinsdag 20 augustus 2019 (Agrarisch)
Bij de directe betalingen GLB moet men zich houden aan de voorwaarden om volledige betaling te ontvangen. Men kan een beroep doen op overmacht wanneer door extreme omstandigheden niet aan alle voorwaarden ka... Lees verder >

Randvoorwaardenkorting voor onjuiste bespuiting door loonwerker

Donderdag 15 augustus 2019 (Agrarisch)
Een landbouwer werd met 20% gekort op zijn bedrijfstoeslag, omdat een toezichthouder van het waterschap had geconstateerd dat een door de landbouwer ingeschakelde loonwerker het gewasbeschermingsmiddel glyfo... Lees verder >
Meld u aan voor de OOvB nieuwsbrief